Mag ik een Boeddha beeld voor mezelf kopen?

"Een Boeddha mag je niet kopen", dit is een van de meest geplaatste opmerkingen die ik en mijn collega’s horen als mensen onwetend een Boeddha beeld staan te bekijken. Ik vraag dan altijd aan de persoon in kwestie “En waarom mag je die dan niet kopen?“ waarop het geijkte antwoord is “want dat brengt ongeluk”. Natuurlijk ben ik dan nog steeds niet uit het veld geslagen ik ga namelijk al langer mee dan vandaag, ik vraag dan “en wie zegt dat dan?“ Waarop steevast wordt geantwoord “dat zeggen "ze”. Goed ik kan dan nog gaan vragen wie “ze” zijn maar meestal kom je dan uit bij “hun” of “de mensen” hier schieten we dus niet veel mee op. Ik stel dan ook regelmatig voor dat ze de Boeddha gratis van mij krijgen als ze de verpakking voor een gelijk bedrag betalen. Hieruit kun je al op maken dat het onzin is dat je een Boeddha niet mag kopen. Ik ga hier even een uitleg geven hoe het verhaal de wereld (en vooral Nederland) is ingekomen en waarom dit een eigen leven is gaan leiden.

Het verhaal dat je een Boeddha niet zelf mag kopen, komt nergens ter wereld zo vaak voor als in Nederland. Als je in Azië zegt dat je een Boeddha niet mag kopen omdat hij ongeluk brengt, kijken de meeste mensen je aan of ze water zien branden. Dit geldt overigens niet voor Indonesië, hier zou het kopen van een Boeddha ook ongeluk brengen (klein feit is dat hier slechts een minderheid van 1% Boeddhist is, en dat Indonesië meer dan 400 jaar een Nederlandse kolonie is geweest). Dat is vreemd.... waarom mag dat niet in Indonesië maar wel in bijvoorbeeld Thailand, Laos, Cambodja, Vietnam, China, India en nog veel meer landen?

Toen onze jongens van Jan Pieterszoon Coen de zeven zeeën afvoeren in naam van de Verenigde Oostindische Compagnie hadden ze één doel en dat was zo snel mogelijk handel drijven met de bevolking waar aan land werd gegaan. Zo was elk VOC schip uitgerust met minimaal een tolk of taaldeskundige die zo snel mogelijk probeerde de taal onder de knie te krijgen. Tot op heden zijn wij Nederlanders nog steeds van mening dat je het beste handel kunt drijven met een ander land als je de taal machtig bent. Dus er werd vaak met man en macht aan vertalingen gewerkt, zo ook in het vroegere Siam. De Nederlanders die toen al vrijwel geheel Indonesië hadden gekoloniseerd gingen begin 17e eeuw handel drijven met Siam. Behalve rijst, hout en dierenhuiden, werden er ook kunstschatten verhandeld. De VOC was dan ook een van de eerste die Boeddha beelden en andere kunstvoorwerpen terug brachten vanuit Birma, Thailand en Cambodja naar Europa.

In het Pali, Sanskrit, en ook in het Thais wordt gesproken van “may seu prah”. En hier is waar het fout ging, deze uitspraak kun je op twee manieren vertalen, je kunt het vertalen als:

“Een Boeddha mag je niet kopen” en als “Een Boeddha kun je niet kopen.”

Nu zullen ze bij de VOC wel gezegd hebben hoezo wij kunnen alles kopen, maar dit is niet wat er mee wordt bedoeld. Je kunt een Boeddha niet kopen omdat Hij niet stoffelijk is, je kunt Hem nooit bezitten, en als je sterft zal Boeddha er nog steeds zijn. Een Boeddha krijg je te leen, in Thailand gaan ze ook nooit een Boeddha kopen, een Thai zegt altijd (vrij vertaald) ik ga een Boeddha huren.

Je mag dus een Boeddha gerust kopen voor de rest van je leven, je mag hem verkopen en je mag hem weggeven. Er zijn wel enkele dingen waar je rekening mee moet houden. Een Boeddha beeld is geen “ding”, als je een Boeddha krijgt, is het niet netjes om hem door te verkopen, het is veel beter om een Boeddha weg te geven, als je dit doet geef je namelijk ook iets van jezelf en wens je een ander veel geluk.

Wat veel belangrijker is dat je een Boeddha beeld met respect behandelt, je zet hem niet op de grond en je hangt er geen vuile was overheen. Je zet hem niet op de slaapkamer en verplaatst hem niet met je voeten.

O ja nog iets, over dat “want dat brengt ongeluk”. Het Boeddhisme is geen VooDoo. Wat betreft geluk en ongeluk zijn er veel waarheden maar ook veel onwaarheden, dus als er een keer iets fout gaat is er altijd wel een reden voor te vinden. Zo ook wanneer je een Boeddha koopt. Het is altijd makkelijk om iets of iemand de schuld te geven, maar een Boeddha brengt geen ongeluk, ook niet als je hem koopt. Er is niets negatiefs aan het Boeddisme en er is geen enkele monnik die je iets slechts wenst, alleen veel geluk en wijsheid.

(Bron: Koos Vlamings)